Wanneer een kind vanaf de geboorte doofblind is, zijn contact leggen en communiceren de eerste grote uitdagingen. Niet alleen voor de doofblinde zelf, maar ook voor de ouders, familie, leraren en andere betrokkenen. Op deze webpagina kunt u een korte introductie lezen over doofblindheid vanaf de geboorte.
Doofblind geboren en een ontwikkelingsachterstand
Hoeveel mensen zijn doofblind vanaf hun geboorte?
Een kind dat doofblind geboren is, ervaart niet zomaar een band met de mensen in zijn omgeving. Het leert ook niet zomaar een taal. In opvoeding en onderwijs is daarom veel aandacht voor het opbouwen van vertrouwde contacten en het ontwikkelen van communicatie.
Een kind dat doofblind geboren is kan net als andere kinderen voelen, vasthouden, ruiken en proeven. Dat zijn allemaal lichamelijke ervaringen en daar liggen de aanknopingspunten voor de ontwikkeling van communicatie. Je kan bijvoorbeeld samen met je kind de omgeving op de tast verkennen en ervaringen delen door imitatie. Als je kind dan begrijpt dat het een ervaring met jou deelt, ontstaat de mogelijkheid tot communicatie over die ervaring.
Als je samen met het kind een ervaring deelt, is het mogelijk samen een manier te zoeken om naar die ervaring te verwijzen. Er zijn verschillende mogelijkheden:
Het is erg belangrijk dat je je als opvoeder inleeft in het kind en zijn belevingswereld. Het is nodig dat je het kind nauwkeurig observeert en aansluiting zoekt bij zijn lichamelijke signalen. Als dat lukt, is het mogelijk om aan te voelen waar de aandacht van het kind naartoe gaat, of het een situatie begrijpt en of het zich begrepen voelt.
Een doofblind kind heeft in zijn ontwikkeling heel wat specifieke ondersteuning nodig. De belangrijkste gebieden zijn:
Het risico is groot dat kinderen die vanaf hun geboorte doofblind zijn een ontwikkelingsachterstand oplopen. Deze ontwikkelingsachterstand wordt soms ten onrechte voor een verstandelijke beperking aangezien terwijl de achterstand is ontstaan door gebrek aan adequate opvoedingsmethoden. Het is zinvol om in dat geval ook op latere leeftijd de ontwikkeling te blijven stimuleren.
De officiële benaming voor een kind dat doofblind geboren wordt, is aangeboren of congenitaal doofblind.
Hieronder staan de meest recente schattingen van het aantal doofblinden.
Er zijn verschillende oorzaken voor aangeboren doofblindheid. Meestal gaat aangeboren doofblindheid gepaard met andere aandoeningen. Hieronder staan een aantal oorzaken op een rijtje.
Te vroeg geboren kinderen lopen een verhoogde kans op een visuele of auditieve beperking.
Rode hond is een infectieziekte. Als een vrouw in de eerste vier maanden van haar zwangerschap besmet raakt met rodehond, is er een grote kans op aangeboren afwijkingen bij het kind. Het gaat om onder andere hart- en oogafwijkingen, slechthorendheid en doofheid, groeiachterstand en afwijkingen in het zenuwstelsel.
Ga voor meer informatie naar de website erfelijkheid.nl
CHARGE associatie is een aangeboren aandoening met een combinatie van kenmerken zoals onder andere oog- ooraandoeningen, hartaandoeningen, groeiachterstand en een verstandelijke beperking.
Ga voor meer informatie naar de website erfelijkheid.nl
Het syndroom van Zellweger is een erfelijke stofwisselingsziekte. Er ontstaan tal van stoornissen in onder andere lever, nieren, hersenen, ogen en oren.
Ga voor meer informatie naar de website erfelijkheid.nl
De school Rafaël in Sint-Michielsgestel is gespecialiseerd in onderwijs aan doofblind geboren kinderen.
De school biedt maatwerk en is aangepast aan de mogelijkheden en de behoeften van het kind. Het onderwijs speelt in op de manier van leren en het ontwikkelingsniveau van het kind. Ieder kind leert in zijn eigen tempo.
De volgende organisaties bieden zorg aan mensen die vanaf hun geboorte doofblind zijn.
Kalorama, Centrum voor Doofblinden
Zie ook de rubriek Lotgenotencontact
Citaat
“Doof, blind, verstandelijk gehandicapt – dat zeiden ze. Maar ik geloofde dat (als ouder) niet. Doofheid kunnen ze vaststellen, blindheid ook, maar die verstandelijke beperking? Die moet blijken uit de praktijk en bij een doofblind kind is dat heel moeilijk. Een doofblinde baby krijgt zo weinig prikkels, is zo beperkt in zijn ontwikkelingsmogelijkheden…”
Bron: Oog voor het doofblinde kind, FODOK
Citaat
“We moeten haar wereld voorspelbaar voor haar maken, zodat het veilig is. Vanuit die veiligheid kunnen we haar helpen om kleine stapjes te zetten naar meer zelfstandigheid. Hoe schijnbaar klein die stapjes ook mogen zijn, voor haar zijn ze van enorm belang.”
Bron: Oog voor het doofblinde kind, FODOK