Op oudere leeftijd doofblind worden

Op oudere leeftijd slechter zien én horen wordt niet snel als doofblind herkend. Het gaat meestal om een toevallige combinatie van slechter zien én horen. Door revalidatie en persoonlijke begeleiding kunnen uw zelfstandigheid, sociale contacten en activiteiten – waar mogelijk – behouden blijven. Op deze webpagina is meer te lezen over doofblindheid op oudere leeftijd.

Herkenning

Het herkennen en diagnosticeren van doofblindheid op oudere leeftijd is niet eenvoudig. Reden hiervoor is dat het hier in de meeste gevallen om een toevallige combinatie gaat van beperkingen in het zien én horen. Ook denkt men te gemakkelijk dat slecht zien én horen bij de leeftijd hoort. Toch heeft doofblindheid op oudere leeftijd een enorme impact op het dagelijkse leven, bijvoorbeeld met het bijwonen van activiteiten in groepsverband.

Beperkingen

De beperkingen van doofblindheid hebben meestal te maken met communicatie, informatie en/of mobiliteit. Uw zelfstandigheid kan beperkt worden, waardoor meer ondersteuning nodig is.

Wanneer u in een verzorgings- of verpleeghuis woont, kunnen deze belemmeringen erg hinderlijk worden voor uw sociale contacten. Het deelnemen aan groepsactiviteiten is niet zonder meer mogelijk door geroezemoes. Een praatje maakt men niet meer zo gemakkelijk als voorheen. Ook vraagt de persoonlijke verzorging veel aanpassing.

Ondersteuning

Als je op oudere leeftijd doofblind wordt, is het lastig om je op deze nieuwe situatie in te stellen. Het vergt veel aanpassing en investering om zelfstandig het huishouden te verzorgen, jezelf te verzorgen en de activiteiten te kunnen doen waar je van houdt. Ondersteuning kan nodig zijn om de zelfstandigheid, activiteiten en sociale contacten te behouden. Revalidatie en persoonlijke begeleiding kunnen u en de mensen in uw omgeving ondersteunen. Eveneens kan uw woning aangepast worden.

Zie ook de rubrieken Communicatie en Mobiliteit en oriëntatie.

Officiële benaming

Als iemand na zijn 55e slecht gaat zien én slecht gaat horen, wordt gesproken van ouderdomsdoofblindheid, een slechtziende én slechthorende oudere of een oudere met een gecombineerde zintuiglijke beperking.

Aandoeningen

De slechtziendheid en slechthorendheid ontstaat meestal door een toevallige combinatie van verschillende ouderdomsaandoeningen. Hieronder staan een aantal aandoeningen die ouderdomsslechtziendheid of ouderdomsslechthorendheid tot gevolg hebben.

  • Macula degeneratie: Macula degeneratie is een oogziekte waardoor je steeds minder scherp gaat zien. Een slechte doorbloeding van het netvlies veroorzaakt schade (degeneratie) aan de gele vlek (macula). Leeftijdsgebonden macula degeneratie komt het meeste voor. Deze vorm ontstaat vooral bij mensen boven de vijftig.
    Ga voor meer informatie naar de website kennisring.nl
  • Diabetische retinopathie: Diabetische retinopathie is een oogafwijking die voorkomt bij mensen met diabetes mellitus (suikerziekte). Bij diabetische retinopathie is het netvlies beschadigd. Hierdoor ga je minder en wazig zien of word je blind.
    Ga voor meer informatie naar de website kennisring.nl
  • Ouderdomsslechthorendheid: Ouderdomsslechthorendheid is een vorm van slechthorendheid die geleidelijk ontstaat bij het ouder worden. Ouderdomsslechthorendheid komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen. Ga voor meer informatie naar de website kennisring.nl

Hoeveel mensen zijn doofblind geworden op oudere leeftijd?

Volgens de meest recente schattingen zijn er tussen de 30.000 tot 35.000 mensen die na hun 55e jaar doofblind werden. 3.000 tot 5.000 hebben een ernstige vorm van doofblindheid. Van de woonsituatie is bekend dat

  • Ca. 6.800 mensen in verpleeghuizen,
  • Ca. 5.700 in verzorgingshuizen,
  • Ca. 20.000 zelfstandig wonen en
  • Ca. 1.700 in instellingen voor verstandelijk gehandicapten wonen.

Organisaties